BREVETTEN

 

opsommingsteken RUITER: welk brevet heb ik nodig om een licentie te verkrijgen?

 

opsommingsteken CLUB: welke stappen moet ik ondernemen om een examen voor brevetafnames te organiseren?

 

 

Brevetafnames - 2011

08-02-2011

 

 

Stal Den Heuvel

Datum: 16/04/2011
Aanvangsuur: 9h00
Locatie: Molenstraat 207/1, 1851 Humbeek
Contactpersoon: Verbruggen Marina (0477/74 03 77)
Gelieve op voorhand te reserveren – plaatsen zijn beperkt.

RB - Sint-Jorishoeve - Vlaams-Brabant

Datum: 30/04/2011
Aanvangsuur: 9h00
Locatie: Langveldstraat 8, 3380 Glabbeek
Contactpersoon: Leona Fillet (0475/84 87 52)

 


Ruiterbrevetten Boek

21-02-2010

Het nieuwe boek "Ruitebrevetten" is verkrijgbaar op het HGVBB secretariaat. Kostprijs: 16€.

Na ontvangst van de kandidaturen zullen naargelang de woonplaats van de kandidaten, plaatsen, data ( Oktober / November ) en uren worden vastgesteld en per uitnodigingsbrief worden kenbaar gemaakt aan al de ingeschreven kandidaten.

F. Michielsens Verantwoordelijke officiëlen Commissie Springen KBRSF en VLP

 

2009 Welke brevetvoorwaarden voor welke licentie?

20-01-2009

Sinds 1 januari 2009 zijn veranderingen van kracht voor de aanvraag van een competitieve licentie. Ook voor de brevetten en brevetexamens heeft dit gevolgen. Lees hier verder voor de wijzigingen...

U vraagt voor de eerste maal een competitieve licentie aan: Afhankelijk van de leeftijd waarop de ruiter voor de eerste maal een competitieve licentie aanvraagt, zijn de instapvoorwaarden (soort brevet) verschillend. Meer info vindt u hier: afspraken competitieve licenties en recreatieve vergunningen

Ruiters tot en met 12 jaar (lopende jaar): Voor ruiters tot en met 12 jaar blijven de bestaande voorwaarden gelden. Ruiters vanaf 13 jaar (lopende jaar) en ouder: Ruiters vanaf 13 jaar (lopende jaar) en ouder dienen in het bezit te zijn van een brevet specifiek voor de licentie die ze aanvragen bij VLP. De voorwaarde voor elke discipline vindt u terug in het document 'afspraken competitieve licenties en recreatieve vergunningen' (zie hoger). U vraagt voor de eerste maal een dressuurlicentie aan: Ruiters vanaf 13 jaar (lopende jaar) en ouder die een dressuurlicentie aanvragen, dienen het B-brevet dressuur af te leggen. Dit bestaat enkel uit de praktijk dressuur en de theorie van het B-brevet (zonder het springen). Dit dient de ruiter ook duidelijk te melden bij de inschrijving voor een brevetexamen.

U had vorig jaar reeds een licentie: Dit wilt zeggen dat u reeds aan de instapvoorwaarde voldaan hebt (=u heeft voor die bepaalde licentie op die bepaalde leeftijd het nodige brevet behaald). U hoeft geen hoger brevet meer te behalen als u nu of later een hogere licentie aanvraagt.

U heeft dit jaar een licentie en volgend jaar wilt u een andere discipline beoefenen waar een andere licentie voor nodig is: Indien u een andere discipline wenst te beoefenen dan diegene waar u een licentie voor hebt, dan dient u voor die andere discipline ook te voldoen aan het juiste brevet. Bvb: u heeft een D03 waarvoor u het B-brevet dressuur heeft behaald. Wenst u te springen op het niveau waar een J03 voor vereist is, dan dient u het volledige B-brevet te behalen en zodus nog het onderdeel springen van het B-brevet af te leggen.

Belangrijke wijzigingen op ruiterbrevetexamens:
Vrijstellingen worden meteen na het examen uitgeschreven door de jury. Vrijstellingen hebben een geldigheidstermijn van 2 jaar. Wanneer men het document vrijstellingen verliest of de termijn van 2 jaar overschrijdt, dient men alles opnieuw af te leggen. Duplicaten worden niet meer gemaakt! Vrijstellingen voor het springen van brevet A kunnen niet meer worden verkregen!

 

 

Belangrijke wijzigingen Licenties/Brevetten

09-01-2009

Sinds 1 januari zijn er een aantal wijzigingen doorgevoerd in verband met het aanvragen van een licentie. De brevetvoorwaarden verschillen per discipline, waardoor er ook een aantal veranderingen zijn aan de brevetexamens.

Voor een dressuurlicentie dient een ruiter vanaf 1 januari 2009 enkel het onderdeel dressuur van het B-brevet te behalen. De ruiters dienen vooraf aan te geven of ze het volwaardige B-brevet of enkel het onderdeel dressuur (i.f.v. een dressuurlicentie) willen afleggen.

Weetjes:
- De prijs van een brevetafname B dressuur is 12 euro (idem volwaardig B-brevet).
- Er is specifiek voor B dressuur een verzamelstaat opgemaakt.
- Het is aangeraden om de deelnemers die enkel B dressuur afleggen te groeperen, zodat de brevetafname soepel verloopt (jurylid hoeft dan niet van blad te wisselen).

 

Slagingscriteria Ruiterbrevetten

22-09-2008

Slagingscriteria ruiterbrevetten Sinds 1 juli 2008 is een bundel met de slagingscriteria voor de ruiterbrevetten voorhanden. Dit is een heel nuttig document ter voorbereiding van de ruiterbrevetten dit zowel voor de deelnemers, lesgevers als de clubverantwoordelijken. Aan de eindtermen is niks gewijzigd. In bijlage vindt u de bundel.

Brevetten : Belangrijke wijzigingen omtrent ruiterbrevetten vanaf 01/07/08

02-07-2008

Op 09/06/08 te Syntra Sint-Niklaas vond de bijscholingsavond voor bestaande juryleden ruiterbrevetten plaats. Tijdens deze avond zijn tal van belangrijke documenten aan bod gekomen. In bijlage vinden jullie onderstaande gewijzigde & nieuwe versies terug:
Gewijzigde documenten:
Bestaande richtlijnen
Rijvaardigheid ruiterbrevet A
Springproef ruiterbrevet B
Bundel "richtlijnen en inhouden ruiterbrevetexamens"

NIEUWE documenten:
nieuwe richtlijnen: vanaf 1 juli 2008
standaard springparcours ruiterbrevet B: vanaf 1 juli 2008
Slagingscriteria ruiterbrevet A&B

We rekenen erop dat deze gewijzigde afspraken en documenten vanaf 1 juli 2008 zullen worden gebruikt en toegepast!

Brevetten : Bekwaamheidsproef LRV is NIET gelijk aan bekwaamheidsattest VLP

17-05-2008

De bekwaamheidsproef LRV, vaak ook de caprillieproef genoemd, is NIET gelijk aan het bekwaamheidsattest van VLP.
De bekwaamheidsproef LRV geldt bij VLP voor een "vrijstelling van het springgedeelte ruiterbrevet A".
Dit betekent dat iemand, in het bezit van een bekwaamheidsproef LRV, nog de dressuurproef van ruiterbrevet A dient af te leggen om over het "bekwaamheidsattest van VLP" te beschikken.

 

Brevetten handleidingen 2008

12-03-2008

Te verkrijgen op het secretariaat te Grimbergen: Handleidingen voor de brevetten A én B aan de prijs van 11 €

 

Verkeerstips voor ruiters en automobilisten

2008

Ruiters en gespannen op de openbare weg

Hoe moet je reageren als je een ruiter tegenkomt op de openbare weg? Hoewel het verkeersreglement vrij duidelijk is over dit onderwerp, kennen veel weggebruikers het antwoord op deze vraag niet. Om het grote publiek aan te sporen meer rekening te houden met ruiter, leek het ons gepast om de belangrijkste regels terzake nog eens op en rijtje te zetten.

Voordat ze op de weg komen, moeten ruiters de specifieke gedragingen van hun paard kennen en hun rijdier helemaal onder controle hebben. Hiervoor kunnen ze lessen nemen bij een monitor in de manège. De andere weggebruikers moeten leren om zich gepast te gedragen in aanwezigheid van ruiters. Het meeste gevaar wordt immers veroorzaakt door paniekreacties van paarden…

Verplichtingen van de andere weggebruikers

Paarden hebben de neiging te vluchten als ze iets naderen dat in hun ogen gevaarlijk is. Dit zelbeschermingsinstinct is eigen aan alle dieren. Als het ene paard tekenen van angst vertoont, dan gaat het andere het imiteren. Omdat hun berijders hen beletten te vluchten, worden de paarden nog angstiger en bewegen ze bruusk in alle richtingen, of beginnen ze te steigeren. In het slechtste geval glijden of vallen de ruiters van de op hol geslagen paarden. Daarom hebben bestuurders bepaalde verplichtingen tegenover ruiters:

·    Elke bestuurder moet meteen vertragen wanneer hij trek-, last- en rijdieren of vee op de openbare weg nadert. Hij moest stoppen indien deze dieren tekenen van angst vertonen.

·    Het is verboden om door lawaai de dieren te doen schrikken het geluid mag de door het technisch reglement opgelegde grens niet overschrijden.

Bij het kruisen of het inhalen van paarden doen bestuurders er trouwens goed aan om een voldoende grote zijdelinge afstand te bewaren. Art. 45.5 verplicht bestuurders ook om de nodige maatregelen te nemen om te voorkomen dat de lading en al wat dient om de lading vast te maken, door lawaai de dieren zou doen schrikken.

Oorzaken van angst

Bewegingen

Omdat hun ogen langs weerszijden van hun hoofd ingeplant zijn, hebben paarden een heel breed gezichtsveld. Een paard merkt bruuske bewegingen en andere bronnen van stress op, die zijn berijder volledig ontgaan.

Wat moet je doen?

  • Stop bij het geringste teken van angst.

  • Vertraag en hou voldoende afstand bij het kruisen of inhalen van een paard.

  • Vermijd iedere bruuske beweging in de omgeving of bij het naderen van een paard, zelfs al denk je dat je
    buiten het gezichtveld van het dier bent.

  • Loop of stap niet (verder) in de richting van de paarden.

  • Maak alles wat los hangt vast of hou het vast (bijvoorbeeld een dekzeil).

  • Hou honden aan de leiband.

Lawaai

Brommende of lawaaierige motoren, kreten, remgeluiden, claxongeluiden…allemaal kunnen ze paarden angstig maken.

Wat moet je doen?

  • Claxonneer in geen geval.

  • Maak geen of zo weinig mogelijk geluid. Roep niet en verhef evenmin je stem.

  • Zet de autoradio niet te luid.

Onbekende of stresserende situaties

Sommige bizarre, onbekende geluiden, bewegingen of objecten zoals treinen, trams, vrachtwagens, tractoren of landbouwkonvooien, draaimolens, rollers, tunnels of bruggen, grasmaaiers… kunnen angstaanjagend zijn voor paarden.

Paarden worden zenuwachtig als ze moeten stilstaan aan een kruispunt of aan verkeerslichten. Ze zijn kalmer tijdens het stappen of zelfs tijdens een lichte draf. Paarden worden niet graag afgezonderd of verwijderd van de rest van de groep.

Wat moet je doen?

  • Blijf kalm en wees geduldig.

  • Je eventuele angst voegt zich bij die van het paard.

  • Verminder of verwijder de angstbron.

  • Wettelijk gezien mag de groepsleider op een kruispunt alle paarden in één keer laten oversteken, tot de
    laatste ruiter voorbij is. Wacht tot alle diensten voorbij zijn, en rij pas dan zelf het kruispunt op.

  • Als verschillende paarden de rijstroken oversteken, moet je ze allemaal tegelijk laten oversteken. Doorbreek nooit een groep paarden (ook niet wanneer er maar twee paarden zijn).

Het verkeersreglement voor ruiters

Op de openbare weg wordt een ruiter net als een automobilist of een fietser als een bestuurder aanzien. Hij moet zich bijgevolg aan alle voorschriften houden die van toepassing zijn op bestuurders. Als hij afstijgt en naast zijn rijdier stapt, blijft de ruiter een bestuurder zolang hij zich op de openbare weg bevindt.

Net als andere bestuurders moet hij voortdurend in staat zijn om alle nodige rijbewegingen uit te voeren. Hij moet dus zijn rijdier kunnen beheersen als het opgeschrikt wordt door bijvoorbeeld een vliegtuig, een vrachtwagen of het schijnsel van autoverlichting.

Ruiters moeten volgens de wet minimum 14 jaar zijn om op de openbare weg te mogen rijden. Deze leeftijd wordt echter teruggebracht naar 12 jaar, op voorwaarde dat men vergezeld is van een ruiter van ten minste 21 jaar oud. Bestuurders van gespannen moeten daarentegen minstens 16 jaar oud zijn.

Net als andere bestuurders moeten ruiters zo dicht mogelijk bij de rechterrand van de rijbaan blijven. De bestuurders van niet ingespannen trekdieren, van last-of rijdieren of van vee mogen, buiten de bebouwde kommen, de gelijkgrondse bermen volgen die rechts in hun richting liggen, op voorwaarde dat zijn de andere weggebruikers niet in gevaar brengen. Ruiters mogen op de rijbaan met twee vooraan rijden (NDVR: toch is het beter om in één rij achter elkaar te rijden), maar als er één ruiter op de gelijkgrondse berm rijdt, dan moeten alle anderen in één rij rijden.

Het verkeersreglement stelt dat fietspaden en trottoirs verboden terrein zijn voor ruiters. Er zijn bovendien bijzondere regels van toepassing voor wegen voor voetgangers, fietsers en ruiters.

Ruiters moeten een richtingsverandering aangeven met een armbeweging. Merk ook op dat het in bebouwde kommen verboden is om ingespannen of bereden dieren te laten galopperen.

Bijzondere regels voor ruiters in groep

Groepen van ten minste 10 ruiters mogen begeleid worden door een groepsleider die toeziet op het goede verloop van de tocht. Deze groepsleider moet ten minste 21 jaar oud zijn en om de linkerarm een band dragen met de nationale driekleur.

Op kruispunten waar het verkeer niet geregeld wordt door verkeerslichten, mag de groepsleider het verkeer in de dwarswegen stilleggen terwijl de groep oversteekt. Hiervoor moet hij een bord gebruiken met afbeelding van verkeersbord C3.

Verplichtingen voor gespannen

De wetgeving maakt op verschillende punten onderscheid tussen ruiters en de bestuurders van gespannen, ook menners genoemd. Zo mogen menners niet rijden:

·        Op wegen voorbehouden voor ruiters.

·        Met twee naast elkaar.

·        Op andere plaatsen dan de rijbaan.

Wettelijk gezien mag een gespan niet meer dan vier dieren achter elkaar bevatten, en mogen er maximum drie paarden naast elkaar lopen. Gespannen moeten vergezeld worden van voldoende begeleiders om het verkeer veilig te doen verlopen. Als de lading langer is dan 12 meter, moet er een begeleider te voet achter de lading stappen.